In deze korte tekstjes probeer ik te schetsen wat zich steeds meer openbaart, te illustreren wat er altijd IS.

De teksten op deze website zijn net snippers, los over de pagina’s verspreid, maar als je ze bij elkaar legt geven ze je een beeld van het grote geheel.

Als ik iets over het Oneindige zeg, loop ik onmiddellijk tegen de beperkingen van taal aan. Hoe beschrijf je het Stille dat er altijd is? Dat wat vooraf gaat aan alle woorden, aan elk beeld, en tegelijkertijd aanwezig is in alle leven? Dat waar ‘ik bén’ uit bestaat?

En toch wil het gezegd worden, ook al weet ik soms niet waartoe.

 

 

Intimiteit

Een warme kop thee in mijn handen, een briesje dat over mijn huid strijkt, in verwondering naar de witte wolken in de lucht kijken, langs de rivier wandelen, de merel horen zingen, gewoon maar wat zitten. Het is allemaal het Zijn zelf. Elke vorm is een poort, elke vorm laat zien dat het gemaakt is uit het Nu dat er altijd is.

We hoeven de vorm, de wereld, ons lichaam, niet te ontkennen. We hoeven ons menszijn niet weg te wuiven. Misschien een poosje, om te ontdekken dat we niet bepaald worden door de ‘dingen’ van het leven. Om te zien dat er ‘Iets’ is dat er vrij van is, en dat dát is wat we werkelijk zijn.

Daarvoor moeten we eerst het onderscheid maken: “Oh, ik zié mijn gedachten, ik ben ze niet. Oh, ik ben mij bewust van mijn lichaam, maar ik zit er niet in vast. Oh, de wereld, of wat ik dacht dat de wereld was, wordt gevormd door namen, concepten, en aangeleerde woorden”.

Maar er komt een moment, en dat gaat op een natuurlijke manier, dat het ‘Iets’ dat we echt zijn, weer ‘omkeert’ en het leven niet meer buitensluit. Het omarmt het, het ‘sluipt naar binnen’ en dan wordt het je eigen ervaring: “Alles is gemaakt uit Zijn! Het Zijn, dat ik ben, is in alles. En niet alleen erin, alles bestaat eruit. Gedachten zijn leeg, het lichaam is een levende dans, oneindig en vrij”.

Je zou het mindfulness kunnen noemen, om bewust aanwezig te zijn in het leven. Maar als onze aandacht terug stapt in het Eeuwige, in het Bewustzijn, en van dáaruit naar de wolken, naar de vormen kijkt, dan is er maar Een. Als aandachtige Aanwezigheid ‘afdaalt’ in een theepot, warme handen, het lied van een vogel…dan blijkt het leven ineens éen intiem ‘veld van Zijn-heid’. Alles blijkt het Nu te zijn. Grenzeloos open en helemaal vrij.

Het leven is Hier. Ik ben Hier. En Hier is geen moment in tijd, Hier is geen plek. Hier is geen ‘ding’. Hier is het altijd aanwezige vrije Zijn.

Het is Niets, en Het is alles. Dat is het wonder.

 

 

Betoverende stilte

In het begin wist ik niet wat dat betekende: “Rusten in Wat je bent”. Het was nog niet mijn eigen ervaring, wat erin terug leunen inhield. Waarin dan? Als wat? Maar ik wist wél hoe het voelde als ik even stilhield, en echt luisterde. Ik had momenten van een overweldigende ‘doodse’ stilte ervaren.

Op een dag liep ik in het bos, en hoorde ergens ver weg een vogel zingen, zo betoverend mooi. Ik herkende het niet, stopte en ‘hield m’n adem in’, wachtend, hopend dat hij nog een keer zou zingen. En terwijl ik daar zo stond, met mijn oren gespitst, viel alles stil. Het was alsof er niets meer was, alleen maar zinderende, levende leegte.

Daar zo te staan, luisterend, in en zelfs áls het Stille, was net zo ontroerend als het wonderlijke lied van de vogel. Het deed er niet meer toe of de vogel nog een keer zou zingen of niet, of ik nog een keer die betovering zou ervaren. Die betoverende Stilte bleek er ook zónder het gezang.

Ik weet nu dat het magische, wonderschone er altijd is. We hoeven alleen maar te ‘luisteren’. Stil te staan. Alsof we wáchten. Niet op ‘iéts’ maar op…tja…op……..

 

Leven als een heilige

 Ik ga wekelijks naar een meditatiegroep hier in het dorp, een initiatief van de plaatselijke kerken. Voor mij is het gebruik van religieuze uitdrukkingen of het gebruik van het woord ‘God’ geen probleem. Het verwijst uiteindelijk allemaal naar hetzelfde, het Ene. Het is fijn om de liederen te zingen of te ‘rusten in God’, terwijl ik weet wie ik wezenlijk ben.

De pastor en ik hebben in de loop der jaren een dierbaar contact ontwikkeld. Hij staat open voor non dualiteit, en vanaf het moment dat hij weet wat het betekent, groet hij me met “Namasté”.

Op een dag, na een bijzondere ontmoeting, zaten we samen in een plaatselijk restaurant met een kop koffie, en raakten we aan de praat over het leven en wat men in het leven als ‘moeilijk’ zou kunnen bestempelen. We spraken over de worsteling met pijn en lijden, maar steeds vanuit het besef dat het allemaal plaatsvindt in iets groters. In het Goddelijke, in het Onmetelijke, in ‘IK ben’, dat er altijd is.

Op een bepaald moment zei hij tegen mij: “Eigenlijk leef jij zoals de heiligen. Je kijkt het pijnlijke in het gezicht, je gaat de uitdagingen van het leven aan, maar wel altijd vanuit het besef van het Heilige”.

En we moesten allebei zó lachen toen ik antwoordde: “Daarom heet het ook “Holy Shit”!

 

 

Een brein vol lege woorden 

Is het je weleens opgevallen dat woorden alleen maar klanken zijn? We denken dat woorden iets betekenen omdat we dat hebben afgesproken. We hebben geleerd dat het woord ‘bal, mama, lucht, regen, angst’, ook daadwerkelijk ‘iets’ is. We hebben de namen in onze ‘persoonlijke computer’ opgeslagen, ze worden in ons hoofd bewaard. Gigabytes aan geheugen. We hoeven maar te ‘googelen’ en het juiste woord komt onmiddellijk bovendrijven.

Natuurlijk dient het ons. We kunnen zo communiceren en in de wereld functioneren. Wat een prachtig middel om elkaar op deze manier te verstaan.

Daarbij kunnen woorden in poëzie, muziek, of spirituele boeken resoneren, en ons raken, of helpen herinneren aan iets dieps en authentieks. Aan Wat we zijn.

Ik houd van taal. Dat ik woorden zó aaneen kan rijgen dat het benadert wat ik zou willen delen. Ik vind het interessant dat namen en woorden alleen maar overeengekomen zijn. De klank ‘I’ in het Engels betekent ik, en daarmee wijst men meestal naar het lichaam. ‘I’, precies dezelfde klank ‘ai’, schijnt in het Japans ‘liefde’ te betekenen, terwijl we in het Nederlands ‘ik aai over mijn huid’ bedoelen. Dat heeft elk van ons geleerd.

Maar als we er niets aan toekennen, wat betekenen die geluiden dan nog? Als je het geen ‘lucht, of thee, of angst’ noemt, wat is het dan? Als je nooit een naam had gekregen, wat ben je dan?  Wat blijft er over van gedachtekracht als we ontdekken dat ze eigenlijk leeg zijn? Klanken die niets voorstellen. Als we ernaar luisteren alsof het muziek is, wat is er dan nog belangrijk aan?

Als we het aan ons brein vragen, aan het denken, komt het met aangeleerde en voorspelbare antwoorden en oplossingen. Dit is een stoel. Ik ben Anneke. Maar als je ergens naar kijkt en je vraagt het aan Jezelf, aan het Bewuste Aanwezige, wat zie je dan? Wat is iets dan? Wat hoor je, wat voel je? Trillingen, sensaties, vibraties? En als je er lang genoeg ‘bij blijft’, wat is er dan nog van over? Van ‘lucht, verdriet, thee, warmte of Anneke’?

Dat is niet iets om over na te denken, dat wil ervaren worden. Wees stil. ‘Luister’. Hoor de klank terwijl je spreekt. Dan ‘blijf je Zelf over’. En dat is Niets, of beter, Niet Iéts.

Dan klinken zinnen ineens als mantra’s in een oude, verloren gegane taal. Woorden worden watervallen, het gezoem van een bij, of de wind die door dorre bladeren blaast. Alleen al gedag zeggen: “Hallo”!  Heilige klanken! En zelfs dat niet eens.

Stilte is aan het woord.